Sneltoetsen maken om programma's te openen
U kunt sneltoetsen maken om programma's te openen. Dit werkt vaak eenvoudiger dan het openen van programma's met de muis of een ander aanwijsapparaat. Voordat u deze stappen uitvoert, controleert u of er een snelkoppeling is gemaakt voor het programma waaraan u een sneltoets wilt toewijzen. Als er geen snelkoppeling is gemaakt, bladert u naar de map die het programma bevat, klikt u met de rechtermuisknop op het programmabestand en klikt u vervolgens op Snelkoppeling maken om er een te maken.
-
Zoek de snelkoppeling naar het programma waarvoor u een sneltoets wilt maken.
-
Klik met de rechtermuisknop op de snelkoppeling en klik vervolgens op Eigenschappen.
-
Klik op de tab Snelkoppeling in het dialoogvenster Eigenschappen van snelkoppeling en klik vervolgens op het vak Sneltoets.
-
Druk op de toets op het toetsenbord die u wilt gebruiken in combinatie met CTRL+ALT (sneltoetsen beginnen automatisch met CTRL+ALT) en klik vervolgens op OK.
U kunt deze sneltoets nu gebruiken om het programma te openen wanneer u het bureaublad gebruikt. De snelkoppeling werkt ook in combinatie met sommige programma's, maar mogelijk niet met programma's die hun eigen sneltoetsen hebben.
Opmerkingen
-
In het vak Sneltoets wordt Geen weergegeven, totdat u de toets selecteert. Vervolgens ziet u in het vak Ctrl+Alt, gevolgd door de toets die u hebt geselecteerd.
-
U kunt niet de toetsen ESC, ENTER, TAB, SPATIEBALK, PRINT-SCRN, SHIFT of BACKSPACE gebruiken om een sneltoets te maken.