Vloeiend schuiven uitschakelen

Door Vloeiend schuiven uit te schakelen, zorgt u ervoor dat schermlezers en programma's voor spraakherkenning beter werken. Als u Vloeiend schuiven niet uitschakelt, zullen schermlezers soms niet meer dan een deel van de volgende koppeling en/of externe informatie lezen, samen met de daaropvolgende koppeling. Als Vloeiend schuiven is uitgeschakeld, zullen schermlezers koppelingen correct lezen, ook als de volgende koppeling niet op het actuele scherm staat. Programma's voor spraakherkenning functioneren ook beter. U kunt deze optie als volgt in- of uitschakelen.

Alles weergeven

Vloeiend schuiven inschakelen met behulp van uw muis

  1. Klik op de knop Start en klik vervolgens op Configuratiescherm.

  2. Controleer of Klassieke weergave wordt gebruikt in het Configuratiescherm zodat alle pictogrammen worden afgebeeld. Als dit niet zo is, klik dan in het linkerpaneel van het Configuratiescherm op Klassieke weergave.

  3. Klik op Internetopties om het dialoogvenster Eigenschappen voor Internet te openen. Klik op het tabblad Geavanceerd en blader naar de kop Instellingen: Surfen. Schakel het selectievakje Vloeiend schuiven gebruiken in of uit.

  4. Klik op OK en klik vervolgens op de knop Sluiten.

Vloeiend schuiven inschakelen met behulp van uw toetsenbord

  1. Ga naar het menu Start door op Ctrl+Esc te drukken (of op de toets met het Windows-logo). Open vervolgens het Configuratiescherm door op C te drukken.

  2. Controleer of Klassieke weergave wordt gebruikt in het Configuratiescherm zodat alle pictogrammen worden afgebeeld. Als dit niet zo is, ga dan naar het linkerpaneel en open Klassieke weergave door op Tab en vervolgens op Enter te drukken. Gebruik de pijltjestoetsen om naar Internetopties te gaan en druk op Enter.

  3. Ga in het dialoogvenster Eigenschappen voor Internet naar het tabblad Geavanceerd met behulp van Ctrl+Tab. Ga naar de instelling Vloeiend schuiven gebruiken met behulp van de toets Pijl-Omlaag. U kunt de instelling in het selectievakje in- of uitschakelen door op de spatiebalk te drukken. Druk op Enter om uw wijzigingen op te slaan.

  4. Sluit het Configuratiescherm met behulp van Alt+B, S.