Voorkomen dat een bestand wordt gewijzigd door het op alleen-lezen in te stellen

U kunt het kenmerk Alleen-lezen aan belangrijke of persoonlijke bestanden toewijzen om te voorkomen dat dergelijke bestanden onopzettelijk of door onbevoegden worden gewijzigd. Bestanden met het kenmerk Alleen-lezen kunnen niet worden gewijzigd.

  1. Klik met de rechtermuisknop op het bestand dat u op alleen-lezen wilt instellen en klik vervolgens op Eigenschappen.

  2. Klik op de tab Algemeen, schakel het selectievakje Alleen-lezen in en klik op OK.

    Als u later wijzigingen in het bestand wilt aanbrengen, verwijdert u het kenmerk alleen-lezen door het selectievakje Alleen-lezen uit te schakelen.

    Afbeelding van het selectievakje Alleen-lezen in het dialoogvenster Eigenschappen
    Het selectievakje Alleen-lezen in het dialoogvenster Eigenschappen

U kunt een map op dezelfde manier als een bestand instellen op alleen-lezen. Deze instelling heeft geen echter invloed op de map zelf. Als u een map instelt op alleen-lezen, krijgen alle bestanden in de map het kenmerk alleen-lezen. Bestanden die u aan de map toevoegt nadat u deze op alleen-lezen hebt ingesteld, worden niet automatisch op alleen-lezen ingesteld.

Waarschuwing

  • Hoewel bestanden met het kenmerk Alleen-lezen niet kunnen worden gewijzigd, kunnen ze wel worden gekopieerd, verplaatst en verwijderd en kan hun naam worden veranderd. Als u een bestand met het kenmerk alleen-lezen verplaatst of verwijdert of de naam ervan wijzigt, kan dat ertoe leiden dat een programma dat afhankelijk is van het bestand, niet meer juist functioneert.