Het oplossen van verbindingsproblemen is vaak een hele opgaaf omdat er zoveel mogelijke oorzaken zijn. Voer eerst de probleemoplosser voor netwerken uit om na te gaan of u hiermee het probleem kunt vaststellen en oplossen.

  • Open de probleemoplosser Netwerk door met de rechtermuisknop op het netwerkpictogram in het systeemvak te klikken en vervolgens op Problemen oplossen te klikken.

Als met de probleemoplosser voor netwerken het probleem niet wordt opgelost, probeert u de stappen die worden beschreven in Netwerkverbindingsproblemen in Windows.

Als de stappen in dat deel niet werken, probeert u de volgende stappen.

  1. Als u deel uitmaakt van een thuisnetwerk met een Thuisgroep en u probeert verbinding te maken met een andere computer, moet u nagaan of deze computer ingeschakeld is en toegevoegd aan de thuisgroep.

  2. Als u deel uitmaakt van een thuisnetwerk zonder thuisgroep en u probeert verbinding te maken met een andere computer, moet u nagaan of deze computer ingeschakeld is en of bestands- en printerdeling voor het netwerk ingeschakeld is. Zie Thuiscomputers waarop verschillende versies van Windows worden uitgevoerd in een netwerk onderbrengen voor meer informatie.

  3. Zorg ervoor dat alle kabels zijn aangesloten (controleer bijvoorbeeld of uw modem is aangesloten op een werkende telefoonaansluiting of kabelverbinding, hetzij rechtstreeks, hetzij via een router).

  4. Als het probleem is begonnen nadat u nieuwe software hebt geïnstalleerd, controleert u de verbindingsinstellingen om te zien of deze gewijzigd zijn.

    1. Open Netwerkverbindingen door te klikken op de knop StartAfbeelding van de knop Start en vervolgens op Configuratiescherm. Typ adapter in het zoekvak en klik vervolgens op Netwerkverbindingen weergeven onder Netwerkcentrum.

    2. Klik met de rechtermuisknop op de verbinding en klik vervolgens op Eigenschappen. Beheerdersmachtiging vereistAls u om het beheerderswachtwoord of een bevestiging wordt gevraagd, typt u het wachtwoord of een bevestiging.

  5. Controleer de router. Door de nieuwe netwerkfuncties in Windows Vista en Windows 7 zijn sommige oudere netwerkrouters niet volledig compatibel met deze versies van Windows en kunnen ze problemen veroorzaken. Ga voor een lijst met routers die compatibel zijn met Windows Vista en Windows 7 naar de website van het Windows Compatibiliteitscentrum.

Als u het probleem met deze stappen niet kunt oplossen, kijkt u of een specifiek probleem en de mogelijke oplossingen in de volgende lijst voorkomen.

Alles weergeven

Ik kan geen verbinding maken met andere computers op mijn thuisnetwerk, of het lukt niet om bestanden en printers met deze computers te delen

Dit kan een van de volgende oorzaken hebben:

  • Netwerkdetectie is uitgeschakeld.

    Netwerkdetectie is standaard uitgeschakeld voor openbare netwerken. De gemakkelijkste manier om netwerkdetectie in te schakelen, is door het type netwerklocatie te wijzigen in Thuis of Werk. Voor informatie over het wijzigen van een netwerklocatietype raadpleegt u Een netwerklocatie kiezen. U schakelt netwerkdetectie in door onderstaande stappen uit te voeren.

    Netwerkdetectie inschakelen

    1. Open Geavanceerde instellingen voor delen door te klikken op de knop StartAfbeelding van de knop Start en vervolgens op Configuratiescherm. Typ netwerk in het zoekvak, klik op Netwerkcentrum en vervolgens in het linkernavigatiedeelvenster op Geavanceerde instellingen voor delen wijzigen.

    2. Klik op de dubbele punthaken Het pictogram met de dubbele punthaken om het huidige netwerkprofiel uit te vouwen.
    3. Klik op Netwerkdetectie inschakelen en klik vervolgens op Wijzigingen opslaan. Beheerdersmachtiging vereistAls u om het beheerderswachtwoord of een bevestiging wordt gevraagd, typt u het wachtwoord of een bevestiging.

    Bestanden delen

    1. Open Geavanceerde instellingen voor delen door te klikken op de knop StartAfbeelding van de knop Start en vervolgens op Configuratiescherm. Typ netwerk in het zoekvak, klik op Netwerkcentrum en vervolgens in het linkernavigatiedeelvenster op Geavanceerde instellingen voor delen wijzigen.

    2. Klik op de afbeelding met de dubbele punthaken Het pictogram met de dubbele punthaken om het huidige netwerkprofiel uit te vouwen.
    3. Klik op Bestands- en printerdeling inschakelen en klik vervolgens op Wijzigingen opslaan. Beheerdersmachtiging vereistAls u om het beheerderswachtwoord of een bevestiging wordt gevraagd, typt u het wachtwoord of een bevestiging.

    Bestanden delen met behulp van openbare mappen

    1. Open Geavanceerde instellingen voor delen door te klikken op de knop StartAfbeelding van de knop Start en vervolgens op Configuratiescherm. Typ netwerk in het zoekvak, klik op Netwerkcentrum en vervolgens in het linkernavigatiedeelvenster op Geavanceerde instellingen voor delen wijzigen.

    2. Klik op de dubbele punthaken Het pictogram met de dubbele punthaken om het huidige netwerkprofiel uit te vouwen.
    3. Klik op Delen inschakelen, zodat iedereen met netwerktoegang bestanden kan openen of op Delen inschakelen, zodat iedereen met netwerktoegang bestanden kan openen, wijzigen en maken, en klik vervolgens op Wijzigingen opslaan. Beheerdersmachtiging vereistAls u om het beheerderswachtwoord of een bevestiging wordt gevraagd, typt u het wachtwoord of een bevestiging.

    Voer deze stappen uit op uw eigen computer en op elke netwerkcomputer waarop Windows 7 wordt uitgevoerd en waarmee u verbinding wilt maken.

  • Met wachtwoord beveiligd delen is ingeschakeld.

    Met wachtwoord beveiligd delen is standaard ingeschakeld voor computers in werkgroepen. Wanneer met wachtwoord beveiligd delen is ingeschakeld, kunnen personen die andere computers in uw netwerk gebruiken uw gedeelde mappen en printers alleen openen als ze een gebruikersaccount hebben op uw computer. U kunt het delen van bestanden en printers op twee manieren instellen:

    • Identieke gebruikersaccounts maken op alle computers in de werkgroep (aanbevolen). Zie Een gebruikersaccount maken voor meer informatie.

    • Schakel met wachtwoord beveiligd delen uit. Voer de volgende stappen uit om met wachtwoord beveiligd delen uit te schakelen:

    1. Open Geavanceerde instellingen voor delen door te klikken op de knop StartAfbeelding van de knop Start en vervolgens op Configuratiescherm. Typ netwerk in het zoekvak, klik op Netwerkcentrum en vervolgens in het linkernavigatiedeelvenster op Geavanceerde instellingen voor delen wijzigen.

    2. Klik op de dubbele punthaken Het pictogram met de dubbele punthaken om het huidige netwerkprofiel uit te vouwen.
    3. Klik op Met wachtwoord beveiligd delen uitschakelen en klik vervolgens op Wijzigingen opslaan. Beheerdersmachtiging vereistAls u om het beheerderswachtwoord of een bevestiging wordt gevraagd, typt u het wachtwoord of een bevestiging.

    Opmerking

    • Met wachtwoord beveiligd delen is niet beschikbaar op compters die zich in een domein bevinden.

  • De computer waarmee u verbinding wilt maken, heeft geen gedeelde mappen.

    Zorg dat er ten minste één gedeelde map is waarmee u verbinding kunt maken.

  • De computers bevinden zich niet in dezelfde werkgroep.

    Zie Lid worden van een werkgroep of een werkgroep maken voor informatie over het lid worden van een werkgroep. De standaardwerkgroepnaam in Windows 7 is WERKGROEP.

  • Het delen van bestanden is ingeschakeld, maar er zijn geen eigenschappen voor het delen ingesteld voor de map of printer.

    Het proces van het delen van bestanden en printers bestaat uit twee delen: eerst schakelt u delen in zoals hierboven wordt beschreven. Vervolgens stelt u eigenschappen voor het delen in voor het onderdeel zelf, of verplaatst u het naar een map met openbare documenten, zodat andere personen er toegang toe krijgen.

  • Uw computer heeft niet de laatste updates voor uw router.

    Neem contact op met de fabrikant van de router om zeker te zijn dat u in het bezit bent van de laatste updates.

Ik kan geen verbinding maken met mijn thuisnetwerk

Probeer het volgende:

  • Controleer of router en modem ingeschakeld zijn.

  • Als u een vaste verbinding gebruikt, moet u controleren of de Ethernet-kabel is aangesloten op de netwerkadapter in uw computer. De uiteinden van een Ethernet-kabel zien er zo uit:

    Afbeelding van een Ethernet-kabel
    Ethernet-kabel
  • Als u een vaste verbinding gebruikt, moet u controleren of de netwerkkabel in orde is. U kunt dit uitproberen door een andere kabel te gebruiken waarvan u weet dat deze werkt.

  • Controleer of de kabel is aangesloten op de juiste poort van de router. Sluit deze niet aan op de 'uplinkpoort'. Daarnaast wordt bij bepaalde routers de poort naast de uplinkpoort uitgeschakeld. Het is dus raadzaam een andere te proberen.

  • Als uw computer is uitgerust met een draadloze netwerkadapter, worden door Windows automatisch draadloze netwerken in de buurt gedetecteerd. Voor een lijst van draadloze netwerken die zijn gedetecteerd door Windows, klikt u op het netwerkpictogram (Het pictogram voor draadloze netwerken) in het systeemvak van uw taakbalk. Als er door Windows geen netwerk is gedetecteerd dat zich binnen het bereik van uw computer bevindt, zoekt u in Help en ondersteuning naar 'Draadloos netwerk zoeken'.
  • Als u verbinding probeert te maken met een draadloos netwerk vanaf een laptop, moet u ervoor zorgen dat de draadloze switch ingeschakeld is. Deze switch bevindt zich meestal aan de voorzijde, de zijkant of aan de achterrand van de laptop.

  • Er zijn mogelijk problemen met uw netwerkadapter. Controleer uw LAN-verbinding (Local Area Network):

    • Open Netwerkverbindingen door te klikken op de knop StartAfbeelding van de knop Start en vervolgens op Configuratiescherm. Typ adapter in het zoekvak en klik vervolgens op Netwerkverbindingen weergeven onder Netwerkcentrum.

  • Afhankelijk van de status van de LAN-verbinding verandert het netwerkpictogram (Het pictogram voor draadloze netwerken of Het pictogram voor vaste netwerken) en er is informatie als de adapter niet correct werkt. Daarnaast verschijnt er een statuspictogram in het systeemvak als de LAN-kabel niet is aangesloten.
  • Gebruik Apparaatbeheer om te controleren of de netwerkadapter correct werkt:

    U kunt deze stappen alleen uitvoeren als u bent aangemeld als beheerder.

    1. Open Apparaatbeheer door achtereenvolgens te klikken op de knop StartAfbeelding van de knop Start, Configuratiescherm, Systeem en beveiliging en vervolgens onder Systeem op Apparaatbeheer. Beheerdersmachtiging vereistAls u om het beheerderswachtwoord of een bevestiging wordt gevraagd, typt u het wachtwoord of een bevestiging.

    2. Dubbelklik op Netwerkadapters, klik met de rechtermuisknop op de bewuste adapter en klik vervolgens op Eigenschappen.

    3. Kijk onder Apparaatstatus of het apparaat naar behoren werkt.

  • Het is mogelijk dat het stuurprogramma van de netwerkadapter niet goed werkt. Ga naar de website van de fabrikant en download en installeer de nieuwste versie van het stuurprogramma.

  • Wis de cache van de DNS-omzetter. Ga voor meer informatie naar DNS (Domain Name System): veelgestelde vragen.

  • Ga voor uitgebreide informatie over het oplossen van problemen met draadloze netwerken naar A Support Guide for Wireless Diagnostics and Troubleshooting.

Ik ben mijn netwerkcode vergeten

Als uw netwerkcode bent vergeten en er niemand anders is die deze weet, moet u de draadloze router opnieuw instellen. Zie Een draadloze router instellen.

Ik kan vanaf thuis (of een andere locatie) geen verbinding maken met het netwerk op kantoor

Als u problemen hebt met het tot stand brengen van een verbinding met uw werkplek via DirectAccess, kunt u proberen de probleemoplosser voor het instellen van een verbinding met uw werkplek met DirectAccess, om enkele veelvoorkomende problemen automatisch te zoeken en op te lossen.

  • Open de probleemoplosser Verbinding met een werkplek via DirectAccess door te klikken op de knop StartAfbeelding van de knop Start en vervolgens op Configuratiescherm. Typ probleemoplosser in het zoekvak en klik vervolgens op Probleemoplossing. Klik in het linkerdeelvenster op Alles weergeven en vervolgens op Verbinding met een werkplek via DirectAccess.

U kunt tevens het volgende proberen:

  • Controleer of u de naam van de VPN-server (Virtueel Particulier Netwerk) precies zo hebt getypt als de netwerkbeheerder heeft aangegeven.

  • De VPN-verbinding werkt alleen als u over een actieve internetverbinding beschikt.

  • Als u een externe modem gebruikt, moet u ervoor zorgen dat deze ingeschakeld is.

  • Informeer bij de netwerkbeheerder of u de juiste machtigingen hebt voor de verbinding en het domein op de RAS-server.

  • Er kan ook iets mis zijn met het certificaat. Roep de hulp in van uw netwerkbeheerder.

  • De VPN-verbinding werkt niet als er een Winsock-proxyclient actief is. Informeer bij de netwerkbeheerder of de Winsock-proxyclient actief is.

  • Als u het IP-adres (bijvoorbeeld: 131.107.10.25) van een website kent, typt u het adres in de adresbalk van de browser en drukt u op ENTER. Als dit werkt, is er waarschijnlijk iets aan de hand met de omzetting van DNS-namen (Domain Name System). Roep de hulp in van uw netwerkbeheerder.

  • Als u van uw bedrijf speciale software moet gebruiken, ligt het misschien daaraan. Roep de hulp in van uw netwerkbeheerder.

  • Als u het IP-adres (bijvoorbeeld: 131.107.10.25) van uw VPN-server kent, gebruikt u dat adres voor de VPN-verbinding en drukt u op ENTER. Als dat werkt, is er waarschijnlijk iets aan de hand met de omzetting van DNS-namen. Roep de hulp in van uw netwerkbeheerder.

  • Er kan iets aan de hand zijn met de server waarmee u verbinding probeert te maken. Roep de hulp in van uw netwerkbeheerder.