Apparaten en printers toevoegen, weergeven en beheren

In Apparaten en printers in het Configuratiescherm kunt u bekabelde en draadloze apparaten toevoegen aan uw pc, alle apparaten die zijn aangesloten op uw pc weergeven en problemen oplossen voor een apparaat dat niet naar behoren functioneert. Wanneer u een apparaat toevoegt, zoekt Windows in de Windows Store naar een app voor dat apparaat van de fabrikant. Als Windows een app vindt, wordt deze automatisch geïnstalleerd.

Zie Waarom kan Windows mijn apparaat niet vinden? als Windows een apparaat dat u wilt toevoegen niet kan vinden. Zie Wat kan ik doen wanneer een apparaat niet correct wordt geïnstalleerd? voor meer informatie over problemen bij de installatie van apparaten.

Alles weergeven

Een printer of een ander apparaat toevoegen

U kunt zowel bekabelde als draadloze apparaten aansluiten op uw pc in Apparaten en printers. Voordat u een Bluetooth-apparaat aansluit, controleert u of het apparaat is ingeschakeld en detecteerbaar is. De methoden waarop een apparaat detecteerbaar kan worden gemaakt kunnen verschillen, zorg er daarom voor dat u de informatie bij het apparaat controleert of dat u de website van de fabrikant bezoekt.

  1. Open Apparaten en printers door vanaf de rechterrand van het scherm te vegen en te tikken op Zoeken. Als u een muis gebruikt, wijst u de rechterbovenhoek van het scherm aan, beweegt u de muisaanwijzer naar beneden en klikt u op Zoeken. Typ Apparaten en printers in het zoekvak en tik of klik achtereenvolgens op Instellingen en Apparaten en printers.

  2. Voer een van de volgende handelingen uit:

    • Als u een printer wilt toevoegen, tikt of klikt u op Een printer toevoegen en volgt u de instructies. Zie Een printer installeren voor meer informatie over het toevoegen van printers.

    • Als u een ander type apparaat wilt toevoegen, tikt of klikt u op Een apparaat toevoegen en volgt u de instructies.

Tips

  • U kunt ook printers en apparaten toevoegen in Pc-instellingen. Veeg vanaf de rechterrand van het scherm en tik achtereenvolgens op Instellingen en Pc-instellingen wijzigen.
    Als u met een muis werkt, wijst u de rechterbovenhoek van het scherm aan, beweegt u de muisaanwijzer naar beneden en klikt u achtereenvolgens op Instellingen en Pc-instellingen wijzigen.
    Tik of klik onder Pc-instellingen op Apparaten en tik of klik vervolgens op Een apparaat toevoegen.

  • Sommige draadloze apparaten kunnen worden toegevoegd door deze fysiek tegen uw pc aan te tikken. Zoek naar de aanraakmarkering Aantikken De aanraakmarkering Aantikken op het apparaat en de pc. Als u Aantikken wilt gebruiken om een apparaat toe te voegen, tikt u met de aanraakmarkering op uw apparaat tegen de aanraakmarkering op uw pc en tikt of klikt u vervolgens op de bevestiging voor Wilt u een apparaat toevoegen?.

Apparaten en printers weergeven

De apparaten in Apparaten en printers zijn meestal externe apparaten die op uw pc zijn aangesloten via een poort of netwerkverbinding. Voorbeelden zijn telefoons, muziekspelers, camera's, externe schijven, toetsenborden en muizen. Uw pc wordt ook weergegeven.

  • Open Apparaten en printers door vanaf de rechterrand van het scherm te vegen en te tikken op Zoeken. Als u een muis gebruikt, wijst u de rechterbovenhoek van het scherm aan, beweegt u de muisaanwijzer naar beneden en klikt u op Zoeken. Typ Apparaten en printers in het zoekvak en tik of klik achtereenvolgens op Instellingen en Apparaten en printers.

Opmerking

  • In Apparaten en printers worden geen apparaten als interne stations, geluidskaarten, videokaarten, processors of andere interne onderdelen weergegeven.

Apparaten en printers beheren

In Apparaten en printers kunt u uw apparaten beheren, instellingen wijzigen en zelfs problemen oplossen. U kunt bijvoorbeeld een standaardprinter instellen, de instellingen voor een draadloze muis wijzigen of uitzoeken waarom er een geel waarschuwingspictogram naast een apparaat wordt weergegeven.

  1. Open Apparaten en printers door vanaf de rechterrand van het scherm te vegen en te tikken op Zoeken. Als u een muis gebruikt, wijst u de rechterbovenhoek van het scherm aan, beweegt u de muisaanwijzer naar beneden en klikt u op Zoeken. Typ Apparaten en printers in het zoekvak en tik of klik achtereenvolgens op Instellingen en Apparaten en printers.

  2. Houd een apparaat ingedrukt of klik er met de rechtermuisknop op en tik of klik vervolgens op een taak.

Opmerking

  • Als er een geel waarschuwingspictogram naast een apparaat wordt weergegeven, kunt u het probleem proberen op te lossen door op het apparaat te tikken en dit ingedrukt te houden of door met de rechtermuisknop op het apparaat te klikken en vervolgens op Probleem oplossen te tikken of te klikken.