Problemen met de internetverbinding oplossen
Het oplossen van problemen met de internetverbinding is vaak een opgave omdat er zoveel mogelijke oorzaken zijn. Probeer eerst de volgende stappen:
-
U kunt Diagnostische gegevens van het netwerk als volgt openen: klik met de rechtermuisknop op het netwerkpictogram in het systeemvak en klik vervolgens op Diagnose en herstel.
-
Zorg ervoor dat alle kabels zijn aangesloten (controleer bijvoorbeeld of uw modem is aangesloten op een werkende telefoonaansluiting of kabelverbinding, hetzij rechtstreeks, hetzij via een router).
-
Stel uw modem en router opnieuw in. Verwijder de voedingskabel van de modem en/of router, wacht ten minste 10 seconden en sluit de voedingskabel opnieuw aan op de modem en/of router.
-
Controleer de router. Door nieuwe netwerkfuncties in Windows Vista zijn bepaalde oudere netwerkrouters niet volledig compatibel met Windows Vista, waardoor dergelijke routers problemen kunnen veroorzaken.
Als u het probleem met deze stappen niet kunt oplossen, kunt u controleren of een specifiek probleem en de mogelijke oplossingen in de volgende lijst voorkomen.
Alles weergeven
-
Controleer het volgende:
-
Controleer of de modem is ingeschakeld.
-
Controleer of de Ethernet-kabel op de juiste wijze is aangesloten op de Ethernet-poorten van de modem en de computer. De uiteinden van een Ethernet-kabel zien er als volgt uit:
Ethernet-kabel
-
Controleer of de telefoonlijn op de juiste wijze op de modem en de telefoonaansluiting is aangesloten.
-
Controleer of u een DSL-filter gebruikt tussen de telefoonaansluiting en de modem.
-
Controleer de indicatielampjes op de modem. Deze kunnen soms de locatie van het probleem aangeven, of het nu gaat om de Ethernet-verbinding, de voeding naar de modem of de DSL- of kabelverbinding.
-
Beschadiging van Winsock kan verbindingsproblemen veroorzaken. Open Netwerkcontrole om dit probleem op te lossen:
Ga voor meer informatie naar Beschadiging van Winsock2 repareren op de website van Microsoft.
-
Neem contact op met uw Internetprovider om het volgende te controleren:
-
Zorg ervoor dat het gekozen nummer en eventuele bijbehorende toegangsnummers (bijvoorbeeld een 9) juist zijn en dat het nummer niet bezet is.
-
Controleer of de telefoonaansluiting werkt. U kunt dit uitproberen door een werkende telefoon aan te sluiten en te luisteren of er een kiestoon is.
-
Zorg ervoor dat de telefoonkabel is aangesloten op de lijnaansluiting van de modem, niet op de telefoonaansluiting.
-
Controleer of de telefoonkabel in orde is door een werkende telefoon aan te sluiten op de telefoonaansluiting van de modem. Als u een kiestoon hoort, is de telefoonkabel in orde.
-
Als de functie Wisselgesprek actief is, schakelt u deze uit en probeert u de verbinding opnieuw tot stand te brengen.
-
Het is mogelijk dat de internetprovider de verbinding heeft verbroken als u een tijdlang niets op de website hebt gedaan. Probeer het opnieuw.
-
Het is mogelijk dat de verbinding automatisch is verbroken toen iemand de telefoon opnam terwijl u online was. Probeer het opnieuw.
-
De meeste inbelmodems werken alleen met analoge telefoonlijnen. Controleer of uw telefoonlijnen analoog zijn. Als u digitale telefoonlijnen hebt, moet uw computer over een digitale modem beschikken.
-
Controleer of uw modem goed werkt. Raadpleeg de informatie bij de modem of ga naar de website van de fabrikant voor meer informatie.
-
Neem contact op met uw telefoonmaatschappij om de kwaliteit van de lijn te controleren.
-
Als uw computer twee netwerkverbindingen heeft, moet de netwerksoftware kiezen welke verbinding moet worden gebruikt voor netwerkverkeer. De netwerksoftware kiest de verbinding met de beste prestaties. Als verbinding A beschikt over een internetverbinding maar traag werkt en verbinding B geen internetverbinding heeft maar betere lokale netwerkprestaties biedt, wordt netwerkverkeer via verbinding B geleid door de netwerksoftware. In dat geval kunt u echter geen websites weergeven en wordt door het netwerkpictogram en het netwerkdiagram in het Netwerkcentrum aangegeven dat u alleen een lokale verbinding hebt (geen internetverbinding). Dit is juist, maar het is niet wat u wilt. U kunt ervoor zorgen dat de computer verbinding A (met de internetverbinding) gebruikt door verbinding B te verbreken en het opnieuw te proberen.
Hierna volgt een aantal mogelijke oorzaken van dit probleem:
-
Mogelijk probeert uw browser om een verbinding tot stand te brengen via een proxyserver. Probeer in dat geval of u verbinding kunt maken wanneer de proxyserver is uitgeschakeld. Zie
Proxyinstellingen wijzigen in Internet Explorer
voor meer informatie.
-
Mogelijk zijn de verbindingsinstellingen van uw browser onjuist. Zie
Internet Explorer Verbindingsinstellingen: aanbevolen koppelingen
voor meer informatie.
-
Uw router probeert mogelijk om DNS-aanvragen via een proxyserver te verwerken, wat mislukt. Raadpleeg de documentatie bij de router voor instructies over het uitschakelen van DNS via proxyservers.
-
Controleer of u de naam van de VPN-server (Virtueel Particulier Netwerk) exact zo hebt opgegeven als de netwerkbeheerder heeft aangegeven.
-
De VPN-verbinding werkt alleen als u over een actieve internetverbinding beschikt.
-
Als u een externe modem gebruikt, moet u ervoor zorgen dat deze ingeschakeld is.
-
Informeer bij de netwerkbeheerder of u de juiste machtigingen hebt voor de verbinding en het domein op de RAS-server.
-
Er kan ook sprake zijn van een probleem met een certificaat. Roep de hulp in van uw netwerkbeheerder.
-
De VPN-verbinding werkt niet als er een Winsock-proxyclient actief is. Informeer bij de netwerkbeheerder of de Winsock-proxyclient actief is.
-
Als u het IP-adres (bijvoorbeeld: 131.107.10.25) van een website kent, typt u het adres in de adresbalk van de browser en drukt u op ENTER. Als dit werkt, is er waarschijnlijk sprake van een probleem met de DNS-omzetting (Domain Name System). Roep de hulp in van uw netwerkbeheerder.
-
Als u van uw bedrijf speciale software moet gebruiken, wordt het probleem mogelijk veroorzaakt door deze software. Roep de hulp in van uw netwerkbeheerder.
-
Als u het IP-adres (bijvoorbeeld: 131.107.10.25) van uw VPN-server kent, typt u dit adres voor de VPN-verbinding en drukt u op ENTER. Als dat werkt, is er waarschijnlijk sprake van een probleem met de DNS-omzetting. Roep de hulp in van uw netwerkbeheerder.
-
Er kan sprake zijn van een probleem met de server waarmee u verbinding probeert te maken. Roep de hulp in van uw netwerkbeheerder.
Dit probleem kan optreden wanneer de versleuteling op de computer niet overeenkomt met de versleuteling die door de VPN-server wordt gebruikt. Als u de versleutelingsinstellingen wilt wijzigen, zodat op uw computer de aanbevolen instelling van 3DES wordt gebruikt, voert u de volgende stappen uit:
-
U kunt Netwerkcentrum als volgt openen: klik op de knop Start
, klik op Configuratiescherm, klik op Netwerk en internet en klik vervolgens op Netwerkcentrum.
-
Klik op verbinding maken met een netwerk.
-
Klik met de rechtermuisknop op de VPN-verbinding en klik vervolgens op Eigenschappen.
-
Klik op de tab Beveiliging, klik op Geavanceerd (aangepaste instellingen) en klik vervolgens op Instellingen.
-
Schakel in het dialoogvenster Geavanceerde beveiligingsinstellingen onder Gegevensversleuteling het selectievakje Versleuteling met maximale sterkte (verbinding verbreken indien afgewezen) in en klik vervolgens twee keer op OK.
-
Klik op Verbinden om opnieuw te proberen of u verbinding kunt maken.