De taakbalk is de lange horizontale balk onder aan uw scherm. In tegenstelling tot het bureaublad, dat kan verdwijnen achter de vensters die erop worden weergegeven, is de taakbalk vrijwel altijd zichtbaar. De taakbalk bestaat uit vier hoofdgedeelten:

  • De knop Start Afbeelding van de knop Start, waarmee u het menu Start opent. Zie Het menu Start (overzicht).
  • De werkbalk Snel starten, waarmee u programma's met één muisklik kunt starten.

  • Het middelste gedeelte, waarop de programma's en documenten worden weergegeven die u hebt geopend, en waarmee u snel hiertussen kunt schakelen.

  • Het systeemvak, met de klok en pictogrammen (kleine afbeeldingen) die de status aangeven van bepaalde programma's en computerinstellingen.

Afbeelding van het bureaublad, de werkbalk en Windows Sidebar
De taakbalk bevindt zich onder aan uw scherm

Omdat u het middelste gedeelte van de taakbalk waarschijnlijk het meest gebruikt, bespreken we dat eerst.

Uw vensters bijhouden

Als u meer dan één programma of document tegelijk geopend hebt, krijgt u al snel een hele stapel vensters op uw bureaublad. Omdat vensters elkaar vaak overlappen of het hele scherm in beslag nemen, is het soms moeilijk te zien wat er zich achter die vensters bevindt. Soms weet u ook niet meer wat u al hebt geopend.

In dat geval biedt de taakbalk uitkomst. Elke keer wanneer u een programma, een map of een document opent, wordt door Windows een knop aan de taakbalk toegevoegd die met dat item correspondeert. Op die knop wordt het pictogram en de naam van het item weergegeven. In de volgende afbeelding zijn twee programma's geopend: Rekenmachine en Mijnenveger. Elk programma heeft een eigen knop op de taakbalk.

Afbeelding van Rekenmachine en Mijnenveger op het bureaublad en de bijbehorende taakbalkknoppen
Elk programma wordt vertegenwoordigd door een knop op de taakbalk

Het lijkt alsof de knop voor Mijnenveger is ingedrukt. Dit geeft aan dat Mijnenveger het actieve venster is, dat wil zeggen, het venster dat op de voorgrond wordt weergegeven, vóór alle andere geopende vensters, en dat klaar is om mee te werken.

Als u naar een ander venster wilt schakelen, klikt u op de knop van het desbetreffende venster op de taakbalk. Als u in het voorbeeld op de knop Rekenmachine op de taakbalk klikt, wordt het venster van Rekenmachine op de voorgrond weergegeven

Afbeelding waarin Rekenmachine vóór Mijnenveger wordt weergegeven, waarbij de taakbalkknop voor Rekenmachine is ingedrukt
Klik op de taakbalkknop van een venster om naar dat venster te gaan

Het klikken op knoppen op de taakbalk is een van de verschillende manieren om tussen vensters te schakelen. Zie Werken met vensters voor meer informatie.

Vensters minimaliseren en herstellen

Wanneer een venster actief is (de taakbalkknop voor dat venster lijkt ingedrukt), wordt dat venster geminimaliseerd wanneer u op de taakbalkknop klikt. Dit betekent dat het venster van het bureaublad verdwijnt. Wanneer u een venster minimaliseert, wordt het niet gesloten en wordt de inhoud niet verwijderd. Het venster wordt alleen tijdelijk van het bureaublad gehaald.

In de volgende afbeelding is Rekenmachine geminimaliseerd, maar niet gesloten. U kunt zien dat het programma nog actief is, omdat er nog een corresponderende knop op de taakbalk staat.

Afbeelding van de taakbalk met de geminimaliseerde weergave van Rekenmachine
Als u Rekenmachine minimaliseert, blijft alleen de knop op de taakbalk zichtbaar

U kunt een venster ook minimaliseren door op de knop Minimaliseren, in de rechterbovenhoek van het venster, te klikken:

Afbeelding van de muisaanwijzer die op de knop Minimaliseren van een venster rust
De knop Minimaliseren (links)

Als u een geminimaliseerd venster wilt herstellen (opnieuw op het bureaublad wilt weergeven), klikt u op de knop van het desbetreffende venster op de taakbalk. Zie Werken met vensters voor meer informatie over deze knoppen.

Hoe vergelijkbare items worden gegroepeerd op de taakbalk

Naarmate het aantal vensters dat u opent groter wordt, worden de bestaande knoppen op de taakbalk smaller, om ruimte te maken voor nieuwe knoppen. Als het aantal knoppen op de taakbalk echter te groot wordt, worden de knoppen voor hetzelfde programma gegroepeerd onder één knop.

Stel, u hebt drie afbeeldingen van Paint geopend op het bureaublad. Als er genoeg plaats is op de taakbalk, worden de drie Paint-vensters als afzonderlijke knoppen weergegeven:

Afbeelding van de taakbalk met drie afzonderlijke knoppen
Drie Paint-vensters die als afzonderlijke knoppen worden weergegeven op de taakbalk

Als u echter veel programma's en documenten hebt geopend, worden deze drie knoppen op de taakbalk samengevoegd tot een afzonderlijke knop, waarop de naam van de groep (Paint) en het aantal items in de groep (3) wordt vermeld. Als u op de knop klikt, wordt er een menu weergegeven met de bestanden in de groep:

Afbeelding waarin drie bestanden zijn gegroepeerd onder een taakbalkknop
Drie Paint-vensters die op de taakbalk zijn gegroepeerd tot één knop

Als u op een van de items in het menu klikt, wordt het venster geactiveerd zodat u het kunt zien.

Tip

  • Als u alle items in de groep wilt sluiten, klikt u met de rechtermuisknop op de knop van de groep op de taakbalk en klikt u vervolgens op Groep sluiten.

Voorbeelden van uw geopende vensters bekijken

Wanneer u de muisaanwijzer naar een knop op de taakbalk verplaatst, verschijnt er een kleine afbeelding met een miniatuurversie van het corresponderende venster. Dit voorbeeld, dat een miniatuurweergave wordt genoemd, is met name nuttig als u een venster niet alleen aan de titel herkent. Als in een van de vensters een video of animatie wordt afgespeeld, ziet u dit ook in het voorbeeld.

Afbeelding van de muisaanwijzer die op een taakbalkknop rust, waarbij een voorbeeld van het venster wordt weergegeven
Als u de knop van een venster op de taakbalk aanwijst, wordt een voorbeeld van het venster weergegeven

Als u een gegroepeerde taakbalkknop aanwijst, wordt een stapel voorbeelden weergegeven. Alleen het bovenste voorbeeld is zichtbaar.

Opmerking

  • Taakbalkvoorbeeldvensters werken alleen als op uw computer Windows Aero wordt uitgevoerd. Dit is het onderdeel van Windows Vista waarmee de visuele functies worden geoptimaliseerd. Aero is niet beschikbaar in Windows Vista Starter of Windows Vista Home Basic. Zie Wat is Windows Aero? voor meer informatie.

De werkbalk Snel starten

Meteen rechts van de knop Start bevindt zich de werkbalk Snel starten. Zoals de naam al aangeeft, kunt u hiermee snel programma's starten, met één muisklik. Als u bijvoorbeeld op het pictogram van Internet Explorer Afbeelding van het pictogram Internet Explorer klikt, wordt Internet Explorer gestart.
Afbeelding van de werkbalk Snel starten
De werkbalk Snel starten bevindt zich rechts van de knop Start

U kunt de werkbalk Snel starten aanpassen door er uw favoriete programma's aan toe te voegen. Zoek het programma in het menu Start, klik erop met de rechtermuisknop en klik vervolgens op Aan Snel starten toevoegen. (Als u deze optie niet ziet, kunt het pictogram van het programma ook naar de werkbalk Snel starten slepen.) Het pictogram van het programma wordt nu weergegeven op de werkbalk. Als u een pictogram wilt verwijderen van de werkbalk Snel starten, klikt u met de rechtermuisknop op het pictogram, klikt u op Verwijderen en vervolgens op Ja.

Standaard bevat de werkbalk Snel starten twee speciale knoppen. Klik op de knop Bureaublad weergevenAfbeelding van het pictogram Bureaublad weergeven als u tijdelijk alle geopende vensters wilt verbergen en het bureaublad wilt weergeven. Klik nogmaals op de knop als u alle vensters weer wilt weergeven. Klik op de knop Schakelen tussen venstersAfbeelding van de knop Schakelen tussen vensters om tussen de open vensters te schakelen met behulp van Windows Flip 3D. Zie Werken met vensters voor meer informatie.

Opmerkingen

  • Als u de pictogrammen die u hebt toegevoegd aan de werkbalk Snel starten niet ziet, maar u wel dubbele punthaken Afbeelding van de dubbele punthaken op de werkbalk Snel starten ziet, betekent dit dat de pictogrammen niet op de werkbalk passen. U kunt op de dubbele punthaken klikken om toegang te krijgen tot de verborgen werkbalkprogramma's, maar het is beter om het formaat van de werkbalk aan te passen, zodat u de programma's met één klik kunt starten.

    Het formaat van de werkbalk Snel starten aanpassen

    1. Klik met de rechtermuisknop op een leeg gebied van de taakbalk en klik vervolgens op Taakbalk vergrendelen om het selectievakje te verwijderen en de vergrendeling van de taakbalk op te heffen.

    2. Sleep de formaatgreep van de werkbalk naar rechts (zie afbeelding) totdat alle pictogrammen worden weergegeven.

      Afbeelding van de werkbalk Snel starten, waarbij de formaatgreep wordt weergegeven
      Sleep de greep om het formaat van de werkbalk Snel starten aan te passen
  • Als Windows Aero niet op uw computer wordt uitgevoerd, wordt Flip 3D niet geopend wanneer u op Tussen vensters schakelen klikt. In plaats daarvan wordt hetzelfde venster weergegeven dat u ziet als u op ALT+TAB drukt.

Het systeemvak

Het systeemvak, helemaal rechts op de taakbalk, bevat een klok en een groep pictogrammen. Dit ziet er als volgt uit:

Afbeelding van het systeemvak op de taakbalk
Het systeemvak van de taakbalk

Deze pictogrammen geven de status aan van iets op uw computer of bieden toegang tot bepaalde instellingen. Welke pictogrammen worden weergegeven hangt af van de programma's of services die u hebt geïnstalleerd en hoe uw computer is ingesteld door de fabrikant.

Wanneer u de aanwijzer naar een bepaald pictogram verplaatst, ziet u de naam van dat pictogram of de status van een instelling. Als u bijvoorbeeld het volumepictogram Afbeelding van het volumepictogram in het systeemvak op de taakbalk aanwijst, wordt het huidige volumeniveau van uw computer weergegeven. Als u het netwerkpictogram Afbeelding van het netwerkpictogram in het systeemvak op de taakbalk aanwijst, ziet u of u verbonden bent met een netwerk, de verbindingssnelheid en de signaalsterkte.

Als u dubbelklikt op een pictogram in het systeemvak, wordt meestal het corresponderende programma of de instelling geopend. Als u bijvoorbeeld dubbelklikt op het volumepictogram, worden de besturingselementen voor de volumeregeling geopend. Als u dubbelklikt op het netwerkpictogram, wordt Netwerkcentrum weergegeven.

In sommige gevallen wordt bij een pictogram in het systeemvak een klein pop-upvenster (een melding) weergegeven om u van iets op de hoogte te stellen. Nadat u een nieuw apparaat op uw computer hebt aangesloten, kan bijvoorbeeld de volgende melding verschijnen:

Afbeelding van een melding met het bericht 'De apparaten zijn gereed voor gebruik'
Bij het systeemvak wordt een bericht weergegeven nadat nieuwe hardware is geïnstalleerd
Klik op de knop SluitenAfbeelding van de knop Sluiten voor een melding in de rechterbovenhoek van de melding om deze te verwijderen. Als u niets doet, verdwijnt de melding na enkele seconden vanzelf.

Pictogrammen in het systeemvak die u al een tijdje niet hebt gebruikt, worden verborgen om het scherm rustig te houden. Als pictogrammen verborgen zijn, kunt u op de knop Verborgen pictogrammen weergeven klikken om de verborgen pictogrammen tijdelijk weer te geven.

Afbeelding van het systeemvak op de taakbalk, waarbij de knop Verborgen pictogrammen weergeven wordt weergegeven
Klik op de knop Verborgen pictogrammen weergeven om alle pictogrammen in het systeemvak weer te geven

De taakbalk aanpassen

U kunt de taakbalk op een groot aantal manieren aanpassen aan uw eigen voorkeuren U kunt de hele taakbalk bijvoorbeeld naar links, naar rechts of naar de bovenkant van het scherm verplaatsen. Daarnaast kunt u de taakbalk groter maken, de taakbalk automatisch laten verbergen wanneer u deze niet gebruikt en er werkbalken aan toevoegen. Zie de volgende onderwerpen voor meer informatie: