Een printer installeren in een thuisnetwerk


Er zijn twee basismanieren om een printer beschikbaar te maken voor computers in uw thuisnetwerk:

  • Sluit de printer rechtstreeks aan op een computer en deel de printer met alle andere computers in het netwerk.

  • Koppel de printer als zelfstandig apparaat aan het netwerk zelf.

In dit artikel worden beide procedures in Windows uitgelegd. U moet echter altijd eerst de informatie die bij uw printer is geleverd raadplegen voor specifieke installatie-instructies en instellingen.

Als u net aan de slag gaat en uw printer moet installeren, raadpleegt u Een printer installeren voor informatie over het instellen van uw printer.

Een gedeelde printer instellen

De meest algemene manier om een printer beschikbaar te maken in een thuisnetwerk is om de printer op een van de computers aan te sluiten en vervolgens in Windows te delen. Dit wordt een gedeelde printer genoemd.

Het voordeel van het delen van een printer is dat dit werkt voor elke USB-printer. Het nadeel? De hostcomputer moet altijd zijn ingeschakeld, anders heeft de rest van het netwerk geen toegang tot de gedeelde printer.

In vorige versies van Windows kon het instellen van een gedeelde printer soms lastig zijn. Maar door het nieuwe onderdeel voor thuisnetwerken in Windows 7, Thuisgroep genoemd, is dit proces veel eenvoudiger geworden.

Wanneer een netwerk wordt ingesteld als thuisgroep, worden printers en bepaalde bestanden automatisch gedeeld. Zie Thuisgroep: aanbevolen koppelingen voor informatie over wat thuisgroepen doen en hoe u deze gebruikt.

Als u al een thuisgroep hebt ingesteld en u toegang tot een gedeelde printer zoekt vanuit een andere computer in de thuisgroep, voert u de volgende stappen uit:

Handmatig verbinding tot stand brengen met een printer in een thuisgroep

  1. Klik op de computer waarop de printer is aangesloten op de knop StartAfbeelding van de knop Start en vervolgens op Configuratiescherm. Typ thuisgroep in het zoekvak en klik vervolgens op Thuisgroep.
  2. Zorg dat het selectievakje Printers is ingeschakeld. (Als dit niet het geval is, schakelt u deze optie in en klikt u op Wijzigingen opslaan.)

  3. Ga naar de computer waarvandaan u wilt afdrukken.

  4. Open Thuisgroep door te klikken op de knop StartAfbeelding van de knop Start en Configuratiescherm, thuisgroep te typen in het zoekvak en op Thuisgroep te klikken.

  5. Klik op Printer installeren.

  6. Als er nog geen stuurprogramma voor de printer is geïnstalleerd, klikt u op Stuurprogramma installeren in het dialoogvenster dat wordt weergegeven.

Opmerkingen   

  • Nadat de printer is geïnstalleerd, kunt u hierop afdrukken vanuit het dialoogvenster Afdrukken in elk programma, net als op een printer die rechtstreeks op uw computer is aangesloten. De computer waarop de printer is aangesloten. moet zijn ingeschakeld als u de printer wilt gebruiken.

  • Thuisgroepen zijn niet beschikbaar in Windows Server 2008 R2.

Een netwerkprinter instellen

Netwerkprinters, apparaten die zijn ontworpen om als een zelfstandig apparaat rechtstreeks te worden gekoppeld aan een computernetwerk, werden vroeger voornamelijk in grote kantoren aangetroffen.

Printerfabrikanten bieden tegenwoordig steeds vaker goedkope inkjet- en laserprinters aan die geschikt zijn als netwerkprinters voor thuisnetwerken. Netwerkprinters hebben één groot voordeel ten opzichte van gedeelde printers: ze zijn altijd beschikbaar.

Er zijn twee algemene typen netwerkprinters: bekabeld en draadloos.

  • Bekabelde printers hebben een Ethernet-poort die u op uw router of hub aansluit via een Ethernet-kabel.

  • Draadloze printers worden gewoonlijk op uw thuisnetwerk aangesloten via Wi‑Fi- of Bluetooth-technologie.

Sommige printers beschikken over beide opties. In de instructies die bij uw printer zijn geleverd, kunt u exact lezen hoe u de printer installeert.

Netwerk-, Wi-Fi- of Bluetooth-printer installeren

  1. Open Apparaten en printers door te klikken op de knop StartAfbeelding van de knop Start en vervolgens op Apparaten en printers in het menu Start.

  2. Klik op Een printer toevoegen.

  3. Klik in de wizard Printer toevoegen op Netwerkprinter, draadloze printer of Bluetooth-printer toevoegen.

  4. Selecteer de gewenste printer in de lijst met beschikbare printers en klik vervolgens op Volgende.

  5. Wanneer dat wordt gevraagd, installeert u het printerstuurprogramma op uw computer door op Stuurprogramma installeren te klikken. Beheerdersmachtiging vereistAls u om het beheerderswachtwoord of een bevestiging wordt gevraagd, typt u het wachtwoord of een bevestiging.

  6. Volg de overige stappen in de wizard en klik vervolgens op Voltooien.

Tips

  • Zorg ervoor dat u over de benodigde machtiging voor de desbetreffende printers beschikt voordat u deze op uw computer toevoegt.

  • U kunt een testpagina afdrukken om te controleren of de printer goed werkt. Zie Een testpagina afdrukken voor meer details.